In 2009 hebben Nederlandse werknemers én directeur-grootaandeelhouders – want dat zijn formeel ook werknemers – ruim 900 miljoen euro ingelegd in de levensloopregeling. Een record sinds de invoering van de regeling in 2006. De totale levenslooppot bedraagt nu 3,3 miljard euro.
Het vermoeden is dat veel Nederlanders meer in de levensloopregeling storten omdat ze – terecht natuurlijk - verwachten dat de AOW-leeftijd omhoog gaat en ze dus langer moeten doorwerken. Ze willen het levensloopgeld straks inzetten om eerder te kunnen stoppen. Dat is ook de opzet van de levensloopregeling.
Er zit echter een addertje onder het gras. Wie werkloos wordt, kan niet meer bij zijn levensloopgeld. Dat komt pas vrij op 65 jaar. En dan ook nog in één keer, zodat er direct stevig met de Belastingdienst moet worden afgerekend. Misschien goed om even over na te denken voor u nog meer geld in de levensloop stopt.